ECLI:NL:CRVB:2010:BN6761

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
8 september 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09-3611 ZW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Ch. van Voorst
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 BeroepswetArt. 2 Besluit proceskosten bestuursrechtArt. 1 Besluit tarieven strafzaken
Verwijzingen
8 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling UWV in proceskosten na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming

Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Assen inzake een geschil met het UWV. Tijdens de procedure nam het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar die volledig tegemoet kwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in en verzocht om veroordeling van het UWV in de proceskosten.

De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het UWV met de nieuwe beslissing geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen, waardoor op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht het UWV in de proceskosten kan worden veroordeeld. De Raad bepaalde dat de proceskosten begroot werden op € 644 voor rechtsbijstand in beroep en € 322 voor rechtsbijstand in hoger beroep.

Daarnaast werden de kosten van medische rapporten van het Neurologisch Expertise en Behandelcentrum te Diever forfaitair vergoed op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht en het Besluit Tarieven in strafzaken, resulterend in een bedrag van € 1.079,93. De totale proceskostenvergoeding werd vastgesteld op € 2.045,93. Voor griffierecht kon appellant zich rechtstreeks tot het UWV wenden.

De uitspraak werd gedaan door rechter Ch. van Voorst, in aanwezigheid van griffier M. Mostert, en uitgesproken in het openbaar op 8 september 2010.

Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.045,93 na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming.

Uitspraak

09/3611 ZW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Assen van 30 juni 2009, 08/771 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)
Datum uitspraak: 8 september 2010
I. PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft K. Abel, werkzaam bij Juricon Adviesgroep B.V. te Assen, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Het Uwv heeft op 16 juli 2010 een nieuwe beslissing op bezwaar genomen.
Bij brief van 6 augustus 2010 heeft J.R. Beukema, eveneens werkzaam bij Juricon Adviesgroep B.V., namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht het Uwv te veroordelen in de proceskosten.
Het Uwv heeft bij brief van 16 augustus 2010 de Raad bericht dat het kan instemmen met een veroordeling in de proceskosten.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
II. OVERWEGINGEN
Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 21 van Pro de Beroepswet is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
De Raad stelt vast dat het Uwv met de nieuwe beslissing op bezwaar van 16 juli 2010 geheel aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen.
De Raad acht termen aanwezig om op grond van artikel 8:75 van Pro de Awb het Uwv te veroordeling in de proceskosten van appellant. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 644,-- voor verleende rechtsbijstand in beroep en € 322,-- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep. Daarnaast komen de kosten van de uitgebrachte medische rapporten van het Neurologisch Expertise en Behandelcentrum te Diever voor vergoeding in aanmerking. Gelet op artikel 2, eerste lid, onder b, van het Besluit proceskosten bestuursrecht komt aan appellant bij een bestede tijd van 17,50 uur een forfaitaire vergoeding toe van in totaal € 1.079,93. Dit bedrag is gebaseerd op het voor dergelijke rapporten in artikel 1, eerste lid onder IV van d Wet Tarieven in strafzaken van toepassing verklaarde Besluit Tarieven in strafzaken vastgestelde maximum uurtarief van € 61,71 per uur.
Voor vergoeding van het griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot het Uwv wenden.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.045,93.
Deze uitspraak is gedaan door Ch. van Voorst, in tegenwoordigheid van M. Mostert als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 september 2010.
(get.) Ch. van Voorst.
(get.) M. Mostert.
TM