ECLI:NL:CRVB:2010:BN5966
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening premie vrijwillige AOW-verzekering over 1998-2004
Appellant verzocht om restitutie van de betaalde premie voor de vrijwillige AOW-verzekering over de jaren 1998 tot en met 2004, verwijzend naar het arrest Van Pommeren van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschap. De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees dit verzoek af, stellende dat het arrest niet inhoudt dat de vrijwillige verzekering premievrij is en dat de premie afhankelijk is van het premie-inkomen van de betrokkene.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep wijzigde appellant zijn standpunt en verzocht gelijke behandeling met de familie Van Pommeren, die een lagere premie zou hebben betaald. De Raad overwoog dat de hoogte van de premie afhankelijk is van het inkomen en dat appellant geen gegevens had overgelegd waaruit blijkt dat het inkomen van de familie Van Pommeren vergelijkbaar was.
Daarom ontbrak een feitelijke grondslag voor gelijke behandeling en kon het beroep niet slagen. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering tot herziening van de betaalde premie vrijwillige AOW-verzekering over 1998-2004.