ECLI:NL:CRVB:2010:BN3526
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang na herroeping ontslag politieambtenaar
Appellant, een politieambtenaar, werd op 20 februari 2008 door de korpsbeheerder op grond van artikel 77 van Pro het Besluit algemene rechtspositie politie onvoorwaardelijk ontslagen. Dit ontslag werd bij besluit van 26 juni 2008 herroepen nadat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk was verklaard in de strafvervolging tegen appellant, omdat het in de disciplinaire procedure gebruikte bewijs onrechtmatig was verkregen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het herroepingsbesluit niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een rechtens te honoreren procesbelang. Appellant ging hiertegen in hoger beroep en betoogde dat hij wel degelijk belang had bij een beoordeling van zijn beroep.
De Raad overwoog dat het herroepen van het ontslagbesluit de rechtspositie van appellant volledig herstelde en dat daarmee het geschil tussen partijen was komen te vervallen. De wens van appellant om duidelijkheid over zijn toekomstige rechtspositie volstond niet als procesbelang. Ook de door appellant aangevoerde overwegingen over het gelijkheidsbeginsel waren niet bindend en boden geen aanleiding tot ontvankelijkheid.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een procesbelang na herroeping van het ontslagbesluit.