ECLI:NL:CRVB:2010:BM7190
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en proceskostenveroordeling College bij intrekking beroep WWB
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het College om de algemene bijstand in te trekken per 1 juli 2007. Het College trok dit besluit op 18 oktober 2007 in en besloot de bijstand ongewijzigd voort te zetten. Appellant stelde vervolgens beroep in tegen het uitblijven van een besluit op bezwaar. Op 9 november 2007 besloot het College het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren wegens het ontvallen van het belang, maar vergoedde wel de kosten van bezwaar en wettelijke rente.
Naar aanleiding van dit besluit trok appellant het beroep in en verzocht de rechtbank het College te veroordelen in de proceskosten. De rechtbank wees dit verzoek af omdat het College al aan de bezwaren tegemoet was gekomen en appellant geen procesbelang meer had bij een spoedige beslissing.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het beroep terecht is ingesteld vanwege het niet tijdig beslissen door het College en dat het College gebruik had kunnen maken van een termijnverlenging. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank, veroordeelt het College in de proceskosten van appellant in eerste aanleg en hoger beroep en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank en veroordeelt het College in de proceskosten van appellant in eerste aanleg en hoger beroep.