ECLI:NL:CRVB:2010:BM5631
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging WGA-uitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV tot beëindiging van haar WGA-uitkering per 27 november 2007. De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard, waarbij werd geoordeeld dat de medische informatie geen aanleiding gaf tot twijfel aan de vastgestelde belastbaarheid en dat de geselecteerde functies passend waren.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren, met name dat onvoldoende rekening was gehouden met haar pijn- en psychische klachten, en dat de functies van inpakker koekjes, produktiemedewerker industrie en produktiemedewerker textiel niet geschikt zouden zijn vanwege tempo, concentratievermogen en opleidingsniveau.
De Raad stelde zich achter de rechtbank en oordeelde dat de medische beoordeling door de verzekeringsartsen juist was, mede gelet op de brief van PsyQ die geen nieuwe feiten bevatte. Ook de geschiktheid van de geselecteerde functies werd door de Raad bevestigd. De Raad zag geen reden om het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de WGA-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.