ECLI:NL:CRVB:2010:BM5571
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van de Minister tot herziening en terugvordering van de tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten vanaf 1 september 2006. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellant vanaf september 2006 tot februari 2007 geen opleiding volgde en daarom geen aanspraak kon maken op de tegemoetkoming. Vanaf 1 februari 2007 stond appellant ingeschreven bij Hogeschool INHOLLAND, waardoor hij geen recht had op de tegemoetkoming op grond van de Wtos.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze overwegingen en stelde vast dat de periode zonder opleiding geen recht op tegemoetkoming gaf. Het feit dat appellant vanaf februari 2007 wel studiefinanciering kon ontvangen, deed hieraan niets af. Tevens werd geoordeeld dat het hoger beroep zich niet uitstrekte tot de toekenning van studiefinanciering of een OV-schuld, waardoor deze punten buiten beschouwing bleven.
De Raad zag geen aanleiding om de eerdere uitspraak te wijzigen en wees een proceskostenveroordeling af. Hiermee werd het besluit van de Minister tot herziening en terugvordering van de tegemoetkoming bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening en terugvordering van de tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten.