ECLI:NL:CRVB:2010:BM1607
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- K.J. Kraan
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over pensioencompensatie bij vrijwillige vertrekregeling TU Delft
Appellant, werkzaam bij de Technische Universiteit Delft, maakte aanspraak op een pensioenvoorziening conform artikel 11.5 van het Sociaal Plan bij zijn vrijwillige vertrekregeling na opheffing van zijn functie. Het college bood een koopsom aan die pensioenverlies zou compenseren, maar appellant stelde dat deze niet materieel gelijkwaardig was, met name vanwege het ontbreken van volledige indexering van pensioenopbouw en uitkeringen.
De Raad oordeelt dat appellant aanspraak heeft op een voorziening alsof zijn pensioenopbouw bij het ABP gehandhaafd bleef, zij het voor 75% van de oorspronkelijke opbouw. Concrete becijferingen moeten inzicht geven in het pensioenverlies en de toereikendheid van de koopsom. De Raad stelt vast dat de koopsom van het college tekortschiet, onder meer doordat de gebruikelijke jaarlijkse indexering van 2,28% niet adequaat is verwerkt.
Verder wordt vastgesteld dat wettelijke rente over de nabetaling verschuldigd is en dat de redelijke termijn voor de behandeling van het bezwaar niet is overschreden. De Raad veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierechten. Het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd, en het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het college moet een nieuwe beslissing nemen met een hogere koopsom die volledige pensioencompensatie inclusief indexering biedt en het college wordt veroordeeld in de proceskosten.