ECLI:NL:CRVB:2010:BL7976
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering recht op ziekengeld na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, voormalig tuinbouwmedewerkster, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering geweigerd omdat zij geschikt werd geacht voor andere functies. Na ziekmelding met hoofdpijnklachten werd zij hersteld verklaard voor geselecteerde functies, waarna het Uwv het recht op ziekengeld introk. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond wegens zorgvuldig medisch onderzoek.
In hoger beroep herhaalde appellante haar klachten en stelde dat de verzekeringsartsen onvolledig onderzoek deden en dat zij vrijstelling had van sollicitatieplicht op grond van de WWB. Tevens vorderde zij schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, dat er geen medisch objectief ziektebeeld was dat haar belastbaarheid overschreed, en dat het WWB-kader niet relevant was voor deze zaak. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat de redelijke termijn niet was overschreden.
De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het recht op ziekengeld blijft geweigerd; het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen.