ECLI:NL:CRVB:2010:BL6653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag
Appellant heeft op 16 februari 2007 een Wajong-uitkering aangevraagd, welke door het UWV op 12 april 2007 werd geweigerd. Het bezwaar van appellant werd bij besluit van 27 augustus 2007 ongegrond verklaard. De rechtbank Assen oordeelde dat het UWV een juiste en zorgvuldige medische beoordeling had gemaakt, waarbij de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) als uitgangspunt gold. Appellant bracht onvoldoende objectief medisch bewijs aan om deze beoordeling te betwisten.
In hoger beroep voerde appellant aan vanwege psychische klachten niet in staat te zijn fulltime te werken en stelde dat er meer beperkingen waren dan door het UWV aangenomen. Hij verwees naar een later vastgestelde angststoornis en een indicatie voor sociale werkvoorziening. De Raad overwoog dat deze nieuwe gegevens niet aantonen dat de angststoornis reeds bestond rond de datum van het bestreden besluit en dat er geen nieuwe objectieve medische gegevens waren die aanleiding geven tot het aannemen van meer beperkingen.
De Raad onderschreef de medische onderbouwing van het UWV en de beoordeling van de rechtbank. Ook de arbeidskundige rapportage en de FML werden als juist beoordeeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.