ECLI:NL:CRVB:2010:BL4304
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft een WIA-uitkering aangevraagd vanwege klachten aan haar linkerhand en pols, maar het UWV stelde op basis van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek vast dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt, waardoor geen recht op uitkering ontstond.
De rechtbank vernietigde het besluit omdat een van de functies ten onrechte was betrokken bij de vaststelling van het verlies aan verdiencapaciteit, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit omdat de overige functies medisch geschikt waren en geen hogere arbeidsongeschiktheidsklasse rechtvaardigden.
In hoger beroep betwistte appellante de juistheid van het medisch onderzoek en de beoordeling van haar belastbaarheid, maar de Raad oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) een juiste weergave geeft van haar fysieke en psychische klachten.
De Raad bevestigde dat de aan appellante voorgehouden functies medisch geschikt zijn en dat het bestreden besluit terecht is genomen. Er was geen aanleiding om artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht toe te passen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de WIA-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%.