ECLI:NL:CRVB:2010:BL2140
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet betalen griffierecht in hoger beroep bestuursrecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Tegen deze beslissing werd verzet ingesteld door de advocaat van appellant.
Tijdens de zitting waren partijen niet aanwezig. De Raad overwoog dat de brief waarin de betaling werd gevorderd correct was verzonden aan de juiste gemachtigde, ondanks de stelling van de advocaat dat dit niet het geval was. Het griffierecht was niet betaald en er was geen reden om te veronderstellen dat appellant niet in verzuim was.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter T.G.M. Simons in aanwezigheid van griffier R. Groothuis op 20 januari 2010.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege het niet betalen van het griffierecht binnen de gestelde termijn.