ECLI:NL:CRVB:2010:BL2137

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
20 januari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07-6815 AKW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding afgewezen

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank, maar dit hoger beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard wegens een procedurele tekortkoming. Appellant diende vervolgens verzet in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.

De Raad stelde vast dat het verzetschrift niet tijdig was ingediend; het verzetschrift was gedateerd op 15 augustus 2009 maar werd pas op 16 september 2009 ontvangen, terwijl de uiterste datum voor indiening 27 augustus 2009 was. Appellant gaf aan om medische redenen niet eerder te hebben kunnen reageren, maar ondersteunde dit niet met bewijsstukken en verscheen ook niet op de zitting om dit toe te lichten.

Gezien het ontbreken van onderbouwing en het niet verschijnen van appellant op de zitting oordeelde de Raad dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. Daarom werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.

Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening van het verzetschrift.

Uitspraak

07/6815 AKW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[appellant], (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 11 oktober 2007, 06/9606, (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Datum uitspraak: 20 januari 2010
I. PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 9 juli 2009 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 9 juli 2009 heeft appellant verzet gedaan.
Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 9 december 2009, waar partijen - met voorafgaand bericht - niet zijn verschenen.
II. OVERWEGINGEN
Een afschrift van de uitspraak van de Raad van 9 juli 2009 is aangetekend aan appellant verzonden op 16 juli 2009. De laatste dag waarop tijdig een verzetschrift kon worden ingediend, was 27 augustus 2009. Het verzetschrift, gedateerd 15 augustus 2009, is ontvangen op 16 september 2009. Uit het poststempel op de enveloppe blijkt dat het verzetschrift op 15 september 2009 ter post is bezorgd. Vaststaat - dus - dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend.
Appellant heeft, desgevraagd, schriftelijk verklaard dat hij om medische reden niet (eerder) kon reageren. Hij heeft dit echter niet met stukken onderbouwd. Ook heeft hij geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een en ander ter zitting nader toe te lichten. In die omstandigheden is er geen grond voor het oordeel dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is.
Het verzet dient daarom niet-ontvankelijk te worden verklaard.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van R. Groothuis als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 20 januari 2010.
(get.) T.G.M. Simons.
(get.) R. Groothuis.
NW