ECLI:NL:CRVB:2010:BL0832
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verlaging bijstandsuitkering wegens onterecht tekortschieten in arbeidsinschakeling
Appellante ontvangt sinds 1993 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Na voortijdige beëindiging van een re-integratietraject is zij aangemeld bij het Hoyatraject, een voorziening gericht op het ontwikkelen van algemene werknemersvaardigheden. Tijdens het assessment in de eerste week werd vastgesteld dat appellante niet gemotiveerd en niet flexibel was.
Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam verlaagde daarop de bijstand van appellante eenmalig met € 100,-- wegens tekortschieten in het meewerken aan een aangeboden voorziening. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellante ernstig tekortgeschoten was in het verkrijgen of behouden van algemeen geaccepteerde arbeid.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat appellante na het assessment niet daadwerkelijk een voorziening gericht op arbeidsinschakeling is aangeboden, zodat niet kan worden vastgesteld dat zij de verplichting tot meewerken aan een dergelijke voorziening heeft geschonden. Het besluit tot verlaging van de bijstand is daarom onterecht en wordt vernietigd. Tevens wordt het primaire besluit herroepen en het College veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot verlaging van de bijstand wordt vernietigd en het primaire besluit herroepen wegens onterecht tekortschieten in het meewerken aan een arbeidsinschakelingsvoorziening.