ECLI:NL:CRVB:2009:BK8189
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking Wajong-uitkering wegens onvoldoende medische onderbouwing urenbeperking
Appellante ontving sinds haar achttiende een Wajong-uitkering vanwege vermoeidheidsklachten en energetische beperkingen. Na een herbeoordeling door het UWV werd haar uitkering ingetrokken omdat zij volgens een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige geschikt werd geacht voor functies met een inkomen dat een arbeidsongeschiktheid van minder dan 25% impliceert.
Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het UWV werd afgewezen. De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen ervan. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig was en dat er geen medische informatie was die de beperkingen van appellante anders deed beoordelen.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep geoordeeld dat er geen nieuwe of voldoende medische gegevens zijn aangeleverd die de stelling van appellante ondersteunen dat zij meer beperkt is. Ook is het beroep op het protocol Chronisch Vermoeidheidssyndroom onvoldoende om het besluit te vernietigen. De Raad onderschrijft dat er geen reden is om een urenbeperking op te nemen naast de reeds in de Functionele Mogelijkhedenlijst opgenomen beperkingen.
De geschiktheid van de voorgestelde functies is medisch voldoende onderbouwd, hoewel deze toelichting pas na het bestreden besluit werd verstrekt. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.