ECLI:NL:CRVB:2009:BK7223
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag toeslag en uitkering burger-oorlogsslachtoffer deels vernietigd
Appellant, geboren in 1931 in het voormalige Nederlands-Indië, diende in oktober 2007 een aanvraag in voor een toeslag, periodieke uitkering en voorziening op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Deze aanvraag werd op 16 juni 2008 afgewezen en na bezwaar gehandhaafd door verweerster.
In het beroep stelde appellant dat hij direct betrokken was geweest bij verschillende beschietingen tijdens de Japanse bezetting en de Bersiap-periode, alsmede bij ongeregeldheden in Makassar in 1950. De Raad oordeelde dat de betrokkenheid bij de beschietingen in Batavia tijdens de Bersiap-periode en de gebeurtenissen in Makassar niet voldoende waren vastgesteld of buiten de werkingssfeer van de Wet vielen.
Wel werd op basis van de stukken vastgesteld dat appellant direct betrokken was bij de gerichte beschieting door een Japans vliegtuig op de theeonderneming in 1942, waarbij kogels zeer dichtbij insloegen. Dit kwalificeert als directe betrokkenheid en een calamiteit in de zin van de Wet. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerster opgedragen een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van deze uitspraak. De Raad kende tevens vergoeding van het griffierecht toe.
Uitkomst: Het beroep van appellant is gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende vaststelling van directe betrokkenheid bij bepaalde beschietingen.