ECLI:NL:CRVB:2009:BK7208
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens termijnoverschrijding bij Wuv-uitkering
Appellante had bezwaar gemaakt tegen een afwijzend besluit op haar aanvraag voor een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv). Dit bezwaar werd door verweerster niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn van zes weken.
Appellante had verzocht om correspondentie via e-mail te ontvangen vanwege een verblijf in het buitenland, maar het primaire besluit Wuv was niet via e-mail toegezonden, in tegenstelling tot het besluit op grond van de Wubo. Hierdoor ontving appellante het besluit pas bij terugkeer in Nederland, terwijl dringende familieomstandigheden haar aandacht vroegen.
De Raad oordeelde dat appellante redelijkerwijs niet in verzuim was bij het indienen van haar bezwaar en dat de niet-ontvankelijkverklaring daarom onterecht was. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerster werd opgedragen een nieuw besluit te nemen, met vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de niet-ontvankelijkverklaring wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.