ECLI:NL:CRVB:2009:BK6976
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- J. Riphagen
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en geschiktheid arbeidsfuncties bij arbeidsongeschiktheid
Appellant ontvangt sinds 1987 een WAO-uitkering die in 2007 door het UWV werd herzien van 80-100% naar 35-45% arbeidsongeschiktheid. Na bezwaar werd dit aangepast naar 45-55%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant bleef stellen dat hij meer beperkingen had dan aangenomen, met name in zitten, lopen en staan.
De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd en geen aanleiding geeft tot het aannemen van zwaardere beperkingen. De arbeidskundige beoordeling acht de Raad onvoldoende gemotiveerd omdat pas in hoger beroep een toereikende toelichting op de geschiktheid van functies is gegeven. Hierdoor is het bestreden besluit in strijd met artikel 7:12 Awb Pro en wordt het vernietigd.
De Raad laat echter de rechtsgevolgen van het besluit ongewijzigd en veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellant voor zowel beroep als hoger beroep. Tevens wordt het griffierecht vergoed. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 16 december 2009.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende arbeidskundige motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.