ECLI:NL:CRVB:2009:BK5167
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante, die sinds 2002 wegens whiplashklachten arbeidsongeschikt was, kreeg in 2003 een WAO-uitkering toegekend op basis van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. Na een herbeoordeling in 2007 door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd haar uitkering ingetrokken omdat haar arbeidsongeschiktheid was afgenomen tot minder dan 15%. Appellante maakte bezwaar, dat werd afgewezen door het UWV.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige onderbouwing. Appellante voerde in hoger beroep aan dat onvoldoende rekening was gehouden met haar klachten zoals nek- en schouderklachten, vergeetachtigheid, concentratieproblemen, duizeligheid en allergieën, en dat de functies die als passend werden beschouwd ongeschikt waren vanwege persoonlijk risico.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante geen nieuwe objectieve medische gegevens had ingebracht die twijfel aan de juistheid van de medische beoordeling konden doen ontstaan. De Raad onderschreef de rechtbank dat de belastbaarheid niet was overschat en dat de functies passend waren, ook gelet op de rapportage van de bezwaararbeidsdeskundige. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.