ECLI:NL:CRVB:2009:BK3932
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- H. Bedee
- A.A.H. Schifferstein
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wegens rug-, schouder- en knieklachten
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering te herzien en vast te stellen op een arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25% per 8 februari 2007. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat, anders dan appellant stelde, de beperkingen door rugklachten, schouder- en knieklachten door het UWV adequaat waren meegenomen in de beoordeling. Appellant bracht geen objectieve medische gegevens aan die een zwaardere beperking onderbouwen. Wel werd vastgesteld dat één van de functies waarop de beoordeling was gebaseerd, vanwege longklachten niet passend was, en werd een alternatieve functie meegenomen.
Hierdoor werd het mediaanloon aangepast en de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 25 tot 35%. De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank voor zover deze het besluit bevestigde, en veroordeelde het UWV in de proceskosten.
Uitkomst: De WAO-uitkering van appellant wordt herzien naar een arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% per 8 februari 2007.