ECLI:NL:CRVB:2009:BK0630
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens juiste medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen per 21 januari 2007. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering, maar oordeelde dat de medische en arbeidskundige grondslag juist was. In hoger beroep stelde appellant dat zijn fysieke mogelijkheden te optimistisch waren ingeschat en dat de functies medisch ongeschikt waren vanwege hartklachten, visusproblemen en suikerziekte.
De Raad overwoog dat appellant in hoger beroep geen nieuwe medische feiten had ingebracht die twijfel konden doen rijzen over de vastgestelde beperkingen zoals weergegeven in de functionele mogelijkhedenlijst (FML) van 15 november 2006. De Raad onderschreef de motivering van de rechtbank en de toelichting van de bezwaararbeidsdeskundige en bezwaarverzekeringsarts dat de functies passend waren.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank voor zover aangevochten. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door rechter Doornewaard en griffier Van der Torn op 9 oktober 2009.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens juiste medische en arbeidskundige beoordeling.