ECLI:NL:CRVB:2009:BK0573
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 35-45% arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig assistent-accountant, kreeg na een verkeersongeval met whiplash klachten een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Het UWV herzag deze uitkering per 1 februari 2007 naar 35 tot 45%, omdat appellante volgens medisch en arbeidskundig onderzoek weer in staat werd geacht om 20 uur per week passende deeltijdfuncties te verrichten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze herziening ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige onderbouwing. Appellante stelde in hoger beroep dat haar beperkingen, mede door haar privé-leven en reistijd vanuit een kleine Zeeuwse plaats, waren onderschat en dat een neuropsychologisch onderzoek noodzakelijk was.
De Raad oordeelde dat het UWV de beperkingen niet had onderschat. De bezwaarbehandelende verzekeringsartsen hadden aanzienlijke arbeidsbeperkingen vastgesteld, waaronder een duurbeperking van ongeveer vier uur per dag. De belasting van het privéleven blijft in beginsel buiten beschouwing. De opgenomen beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst en de reactie van de bezwaarverzekeringsarts, mede gebaseerd op eerder neuroloogonderzoek, vormden voldoende grond om geen nader neuropsychologisch onderzoek te eisen.
De Raad sloot zich aan bij het oordeel van de rechtbank dat de functies die appellante kan vervullen passend zijn. De herziening van de WAO-uitkering naar 35 tot 45% was terecht. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt de herziening van de WAO-uitkering naar 35-45% arbeidsongeschiktheid.