ECLI:NL:CRVB:2009:BJ9679
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.F. Bandringa
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens onjuist woonadres
Appellant ontving vanaf 1997 bijstand, maar het College vermoedde dat hij niet op het opgegeven adres woonde. Na onderzoek, onder meer door de Sociale Recherche, bleek het water- en energieverbruik op het adres zeer laag tot nihil, wat duidde op afwezigheid.
Het College trok de bijstand met terugwerkende kracht in en vorderde de kosten terug. Appellant voerde aan dat hij vanwege gezondheidsproblemen elders verbleef en dat het College hiervan op de hoogte was, maar dit werd niet onderbouwd en gaf geen verklaring voor het lage verbruik.
De Raad oordeelde dat appellant niet aan zijn inlichtingenverplichting had voldaan en dat het College terecht tot intrekking en terugvordering was overgegaan. Ook een beroep op verjaring en matiging werd verworpen omdat appellant niet was benadeeld door de termijn.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van de bijstand bevestigd.