ECLI:NL:CRVB:2009:BJ6585
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening op grond van artikel 8:88 Awb wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker heeft in mei 2008 een verzoek om herziening ingediend tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 22 juni 2006. De Raad heeft het verzoek onderzocht en vastgesteld dat de aangevoerde feiten en omstandigheden niet voldoen aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Deze voorwaarden vereisen dat de feiten of omstandigheden nieuw zijn, voor de uitspraak hebben plaatsgevonden, en redelijkerwijs niet bekend konden zijn bij de indiener.
Tijdens de zitting op 16 juli 2009 heeft verzoeker een dringend beroep op coulance gedaan, stellende dat bewijs niet meer geleverd kan worden en getuigen zijn overleden. De Raad oordeelt echter dat deze verklaring geen nieuwe feiten bevat die relevant zijn voor het verzoek om herziening. Het verzoek beoogt daarmee een hernieuwde discussie op basis van reeds bekende gegevens, hetgeen niet is toegestaan.
De Raad concludeert dat het verzoek om herziening moet worden afgewezen en ziet geen aanleiding voor toekenning van proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak is gedaan door rechter Stevens in aanwezigheid van griffier Mos en is op 27 augustus 2009 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden die aan de cumulatieve voorwaarden voldoen.