ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig chauffeur personenvervoer, meldde zich ziek met psychische klachten en kreeg een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Het UWV trok deze uitkering in per 12 juli 2006 wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze intrekking ongegrond en benoemde een onafhankelijke psychiater als deskundige.
De deskundige stelde vast dat appellante leed aan een borderline persoonlijkheidsstoornis maar geen aanleiding zag voor verdergaande beperkingen dan vermeld in de Functionele Mogelijkheden Lijst. Ook na ontvangst van aanvullende informatie van de Symfora groep bleef het oordeel van de deskundige ongewijzigd. De Raad onderschrijft dit oordeel en acht de gewijzigde diagnose en GAF-score van de Symfora groep niet van toepassing op de datum in geding.
Ten aanzien van de arbeidskundige beoordeling concludeert de Raad dat appellante in staat is de aan haar geduide functies te vervullen zonder overschrijding van haar belastbaarheid, met name op het gebied van het hanteren van emotionele problemen van anderen. Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellante onvoldoende arbeidsongeschikt is.