ECLI:NL:CRVB:2009:BJ4673
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten huurinkomsten en bijzondere bijstand bij negatieve nalatenschap
Appellante ontving algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College Groningen verrekende huurinkomsten uit panden waarvan appellante voor 1/8 eigenaar is met haar bijstand, waarbij aanvankelijk rekening werd gehouden met verwervingskosten. Latere besluiten schortten deze verrekening op en verleenden bijzondere bijstand voor verwervingskosten.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellante tegen besluiten over verrekening en bijzondere bijstand ongegrond. Appellante ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep, die het onderzoek voegde met andere zaken en op 21 juli 2009 uitspraak deed.
De Raad oordeelde dat appellante niet redelijkerwijs kan beschikken over haar aandeel in de onverdeelde nalatenschap van de panden, zodat verrekening van huurinkomsten met bijstand en toekenning van bijzondere bijstand voor verwervingskosten niet aan de orde zijn. De Raad vernietigde de aangevallen uitspraken en de besluiten van het College, herroept eerdere besluiten en wees de aanvraag bijzondere bijstand af.
Daarnaast veroordeelde de Raad het College tot vergoeding van de proceskosten en tot schadevergoeding wegens onrechtmatige inhouding van huurinkomsten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep, waarbij de voorzitter en twee leden het vonnis tekenden.
Uitkomst: De Raad vernietigt de besluiten over verrekening huurinkomsten en bijzondere bijstand, wijst de aanvraag af en veroordeelt het College tot vergoeding van proceskosten en schade.