ECLI:NL:CRVB:2009:BI6857
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens verwijtbaar werkloos worden na zelf ontslag
Appellant was werkzaam als coördinator bij de politie en nam op eigen verzoek ontslag. Vervolgens vroeg hij een werkloosheidsuitkering aan, die werd afgewezen wegens verwijtbaar werkloos worden. Daarna vroeg hij bijstand aan, die werd toegekend, maar met een verlaging van 100% gedurende één maand opgelegd wegens onvoldoende inspanning om arbeid te behouden.
Appellant voerde aan dat hij in overspannen toestand verkeerde bij het ontslag, maar de Raad vond onvoldoende objectief bewijs voor een verband tussen zijn psychische klachten en het ontslag. Psychologisch rapport toonde juist verbetering en prognose op werkhervatting was gunstig. Het College stelde terecht dat appellant verwijtbaar werkloos is geworden.
De Raad oordeelde dat appellant tekortgeschoten is in het verkrijgen of behouden van algemeen geaccepteerde arbeid zoals bedoeld in de Afstemmingsverordening WWB Amsterdam. De verlaging van de bijstand was daarom terecht en de omstandigheden gaven geen aanleiding tot een lagere maatregel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstandsuitkering met 100% gedurende één maand wordt bevestigd wegens verwijtbaar werkloos worden na zelf ontslag nemen.