ECLI:NL:CRVB:2009:BI5983
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking arbeidsongeschiktheidsuitkering na medische en arbeidskundige herbeoordeling
Appellant, voormalig snackbarhouder, werd sinds 1990 arbeidsongeschikt geacht en ontving een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Na een herbeoordeling in 2006 door verzekeringsarts Niemeijer en arbeidsdeskundige Van der Molen, waarbij werd vastgesteld dat appellant medisch geschikt was voor geduide functies en geen verlies aan verdienvermogen had, trok het UWV de uitkering in per 19 september 2006.
De rechtbank Leeuwarden vernietigde het bezwaarbesluit van het UWV, maar handhaafde de rechtsgevolgen van de intrekking. De rechtbank onderschreef de medische en arbeidskundige onderbouwing, waaronder rapporten van Niemeijer, Zwemer en Van der Molen, en concludeerde dat appellant in staat was om de geduide functies te vervullen.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren en verwees naar een brief van zijn psychiater over recidiverende depressies en een zelfmoordpoging. De Raad oordeelde echter dat de medische feiten, waaronder de afwezigheid van ziekte van Bechterew en de juiste diagnose van nekklachten, evenals de arbeidskundige beoordeling, voldoende waren om het besluit te handhaven.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering op basis van voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing.