ECLI:NL:CRVB:2009:BI5933
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering onvoldoende gemotiveerd, nieuw besluit vereist
Appellante, een voormalig leerkracht basisonderwijs, werd arbeidsongeschikt verklaard en ontving een WAO-uitkering. Na een herbeoordeling door verzekeringsarts Holwerda en bezwaarverzekeringsarts Fokke werd de uitkering met ingang van 22 januari 2006 ingetrokken. Appellante maakte bezwaar tegen deze intrekking, met name tegen het vervallen van de urenbeperking.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij de medische rapporten van Fokke onderschreef. In hoger beroep stelde appellante dat haar beperkingen onjuist waren ingeschat en dat zij ten minste 55 tot 65% arbeidsongeschikt bleef. De Raad concludeerde dat appellante alleen bezwaar had tegen de intrekkingsdatum van de uitkering.
De Raad stelde vast dat het Uwv onvoldoende inzicht gaf in de motivering van het vervallen van de urenbeperking, met name door onduidelijkheden in de functionele mogelijkhedenlijst en de toelichtingen op fysieke belastingen. Hierdoor was het besluit tot intrekking onvoldoende gemotiveerd en in strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb. De Raad vernietigde het besluit en gelastte een nieuw besluit op bezwaar. Tevens veroordeelde de Raad het Uwv tot betaling van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering is onvoldoende gemotiveerd en wordt vernietigd, het Uwv moet een nieuw besluit op bezwaar nemen.