ECLI:NL:CRVB:2009:BI4197
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant, een voormalige automonteur, ontving een WAO-uitkering wegens psychische klachten met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Na een herbeoordeling in 2006 door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige werd vastgesteld dat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt was, mede gebaseerd op een aangepaste Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) vanwege medicijngebruik.
Het Uwv trok de uitkering in, wat appellant betwistte met het argument dat hij meer beperkingen had en slechts vier uur per dag kon werken. De bezwaararbeidsdeskundige handhaafde echter de geschiktheid voor bepaalde functies en de mate van arbeidsongeschiktheid bleef onder de 15%.
De rechtbank vernietigde het besluit vanwege een procedurele fout in de berekening van de maatmanomvang, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat de feitelijke mate van arbeidsongeschiktheid onder de 15% bleef. Appellant ging in hoger beroep tegen dit standpunt.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, de medische component van het besluit op goede gronden berustte en dat er geen aanwijzingen waren dat beperkingen buiten beschouwing waren gelaten. Ook de geschiktheid van de functies was voldoende aangetoond. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de intrekking van de WAO-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.