ECLI:NL:CRVB:2009:BH9354
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken zelfstandig procesbelang in zaak burger-oorlogsslachtoffers
Appellant stelde beroep in tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad (PUR) inzake de toekenning van toeslagen en voorzieningen als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Eerder was een bezwaar afgewezen omdat de eerdere aanvragen specifiek op een andere wet (WUV) waren gericht en geen doorverwijzing mogelijk werd geacht.
Tijdens de procedure heeft appellant verzocht om herziening van het besluit met terugwerkende kracht, maar dit verzoek werd afgewezen omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd. De Raad overwoog dat de bevoegdheid tot herziening discretionair is en terughoudend moet worden getoetst.
De Raad stelde vast dat de gronden van appellant reeds in een eerdere procedure waren beoordeeld en dat er geen nieuwe feiten waren die herziening rechtvaardigen. Bovendien was de Pensioen- en Uitkeringsraad tegemoetgekomen aan het bezwaar, waardoor appellant geen zelfstandig procesbelang meer had.
Daarom verklaarde de Raad het beroep niet-ontvankelijk en wees een vergoeding van proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 maart 2009.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van zelfstandig procesbelang.