ECLI:NL:CRVB:2009:BH8668
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Vergoeding dubbele operatiesessies voor wervelkanaalstenose in buitenlandse kliniek
Appellante heeft zich tot het Instituut Zorgverzekering voor Ambtenaren Nederland (IZA) gewend voor vergoeding van kosten van een behandeling in Duitsland voor herniaklachten, waarbij zij in twee operatiesessies zes wervels heeft laten behandelen. IZA kende aanvankelijk een vergoeding toe gebaseerd op één DBC, wat appellante betwistte. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de vergoeding passend was en geen onbillijke situatie bestond.
In hoger beroep stelde appellante dat de behandeling in Nederland niet mogelijk was en dat IZA onterecht slechts één DBC vergoedde. IZA verdedigde haar standpunt dat de microlaminectomie geen gangbare behandeling was en dat vergoeding achteraf ten onrechte was toegekend. De Raad oordeelde dat de behandeling in twee operatiesessies plaatsvond en dat toepassing van de Instructie DBC-registratie Orthopedie 2004 recht geeft op vergoeding van twee DBC’s.
De Raad vernietigde het besluit van IZA en de uitspraak van de rechtbank, oordeelde dat geen sprake was van een onbillijke situatie en dat de beperking van vergoeding geen onacceptabele beperking van de vrije markt betekende. De Raad bepaalde dat appellante recht heeft op een vergoeding van € 11.230,92 en veroordeelde IZA in de proceskosten.
Uitkomst: Appellante krijgt vergoeding van € 11.230,92 voor twee DBC’s voor haar behandeling in Duitsland.