ECLI:NL:CRVB:2009:BH8389
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na toetsing medische rapporten
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering in te trekken op grond van vermindering van arbeidsongeschiktheid. De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellant ongegrond en onderschreef de medische en arbeidskundige onderbouwing van het besluit.
In hoger beroep betoogde appellant dat de rechtbank ten onrechte het rapport van de UWV-bezwaarverzekeringsarts volgde, die zich baseerde op het expertiserapport van psychiater-psychoanalyticus Oskam, terwijl het door appellant ingebrachte rapport van psychiater Kok buiten beschouwing was gelaten. De Raad oordeelde dat de bezwaarverzekeringsarts gemotiveerd had toegelicht waarom het standpunt van Kok niet gevolgd kon worden en vond geen reden om dit oordeel onjuist te achten.
Verder stelde appellant dat het rapport van Oskam niet onafhankelijk was vanwege zijn frequente advisering aan het UWV. De Raad verwierp dit argument, omdat het enkele feit van herhaald advies niet leidt tot gebrek aan onafhankelijkheid en appellant geen bewijs leverde van gekleurde conclusies. De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en zag geen aanleiding tot benoeming van een deskundige of toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.