ECLI:NL:CRVB:2009:BH7650
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WW-uitkering wegens niet voldoen aan wekeneis
Appellant was van 1 augustus 1999 tot en met 31 juli 2006 werkzaam als F&A manager met een arbeidspatroon van één dag per maand. Hij vroeg een WW-uitkering aan per 1 augustus 2006, maar het UWV wees deze af wegens het niet voldoen aan de wekeneis van artikel 17 WW Pro. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit omdat de afwijzing op een onjuiste wettelijke grondslag was gebaseerd, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat appellant niet voldeed aan de geldende wekeneis van 26 weken gewerkt binnen 36 weken.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dat appellant niet voldoet aan de wekeneis. De referteperiode is verlengd wegens arbeidsongeschiktheid, maar uit werkbriefjes blijkt dat appellant slechts in acht weken heeft gewerkt. Weken waarin appellant voor een andere werkgever werkte, tellen niet mee omdat die dienstverbanden naast elkaar bestonden. Het beroep op een eerdere, mogelijk onterecht toegekende WW-uitkering wordt verworpen omdat het UWV fouten niet hoeft te herhalen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en een hardheidsclausule worden afgewezen.
De Raad concludeert dat de aangevallen uitspraak van de rechtbank Maastricht bevestigd wordt en dat het UWV terecht de WW-uitkering heeft geweigerd. Er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WW-uitkering wegens niet voldoen aan de wekeneis.