ECLI:NL:CRVB:2009:BH4268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering wegens beperkingen migraine en arbeidskundige beoordeling
Appellante maakte bezwaar tegen de herziening van haar WAO-uitkering waarbij haar arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 45 tot 55%, in plaats van 80 tot 100%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellante in staat was de geselecteerde functies te verrichten. In hoger beroep stelde appellante dat haar migraineaanvallen en aangezichtspijn tot een onacceptabel hoog ziekteverzuim leidden, wat niet voldoende was meegewogen.
De Raad concludeerde dat de frequentie en duur van de migraineaanvallen, zoals vastgesteld in medische rapporten, niet leidden tot excessief ziekteverzuim. De psychiatrische rapportage van psychiater Hogenboom werd door de bezwaarverzekeringsarts kritisch beoordeeld en niet als aanleiding gezien het eerdere oordeel te wijzigen. Tevens oordeelde de Raad dat de arbeidskundige onderbouwing in hoger beroep voldoende was om de geschiktheid van de functies vast te stellen.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd wegens gebrekkige motivering in eerste aanleg, maar de rechtsgevolgen van het besluit bleven gehandhaafd conform artikel 8:72, derde lid, Awb. Het Uwv werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.