ECLI:NL:CRVB:2009:BH2319
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening WAO-uitkering na auto-ongeval en beperkingen
Appellant, voormalig timmerman, ontvangt sinds 1997 een WAO-uitkering wegens whiplash klachten na een auto-ongeval in 1996. Het Uwv herzag in 2006 zijn uitkering naar een lagere arbeidsongeschiktheidsklasse, wat appellant betwistte. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege onvoldoende motivering omtrent verborgen beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn beperkingen, met name psychische en linker duimklachten, onderschat zijn en dat hij niet meer dan 20 uur kan werken. De Raad onderzocht medische rapporten, waaronder die van verzekeringsartsen en een psychiater, en concludeerde dat er geen aanwijzingen zijn voor meer beperkingen dan reeds erkend.
De Raad oordeelde dat appellant de geduide functies kan uitoefenen, ook rekening houdend met de beperkingen in de FML. Het verzoek van appellant om een deskundigenonderzoek werd afgewezen. Het beroep tegen het nieuwe besluit van het Uwv, waarin de bezwaren opnieuw ongegrond werden verklaard, werd ongegrond verklaard. De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep tegen het herzieningsbesluit van 29 juni 2007 wordt ongegrond verklaard.