ECLI:NL:CRVB:2009:BH1015
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische en arbeidskundige grondslag
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de herziening van zijn WAO-uitkering door het UWV, waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid werd verlaagd van 80-100% naar 65-80%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de medische en arbeidskundige beoordeling waarop het besluit was gebaseerd.
Appellant voerde aan dat het medisch onderzoek zeer summier was en dat de geselecteerde functies niet aansloten bij zijn vooropleiding en werkervaring, waardoor de herziening niet realistisch zou zijn. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen aanvullende medische gegevens had overgelegd die twijfel konden doen ontstaan over de juistheid van de functionele mogelijkhedenlijst.
Verder stelde de Raad dat de duur van het medisch onderzoek op zichzelf geen reden is om aan te nemen dat het onderzoek onvoldoende was. De arbeidsdeskundige rapportage motiveerde dat de geselecteerde functies op opleidingsniveau 2 passend waren en dat deze functies op de arbeidsmarkt voorkwamen. De Raad concludeerde dat het verlies aan verdiencapaciteit correct was vastgesteld en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en deed de uitspraak in het openbaar op 19 januari 2009.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.