ECLI:NL:CRVB:2009:BH0860
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en motiveringsgebrek
Appellante vroeg een WIA-uitkering aan na uitval wegens arm- en polsklachten. Het UWV wees de uitkering af omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege onvoldoende toelichting op verborgen beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat de medische beoordeling juist was, mede op basis van rapportages van bezwaarverzekeringsartsen. De arbeidskundige beoordeling werd echter deels bekritiseerd vanwege ontbrekende motivering over specifieke beperkingen, met name onderdeel 4.9 van de FML.
Het UWV had een nieuw besluit genomen dat het bezwaar opnieuw ongegrond verklaarde, maar dit besluit werd door de Raad vernietigd vanwege het ontbreken van een inzichtelijke motivering voor de geschiktheid van bepaalde functies. De Raad beval het UWV een nieuw besluit te nemen en veroordeelde het UWV in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van arbeidskundige beperkingen en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.