ECLI:NL:CRVB:2009:BG9899
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vervroegde ingangsdatum Wajong-uitkering wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellante diende op 1 februari 2006 een aanvraag in voor een Wajong-uitkering, waarbij zij aangaf niet op de hoogte te zijn van het bestaan van deze uitkering. Het UWV kende haar een uitkering toe met ingang van 1 februari 2005, één jaar voor de aanvraagdatum, omdat geen bijzondere omstandigheden waren vastgesteld om de uitkering eerder te laten ingaan.
Appellante voerde aan dat zij om medische redenen niet in staat was haar belangen te behartigen en overhandigde een brief van een psychiater. De rechtbank en de Raad concludeerden echter dat er geen medische gronden waren die haar onvermogen konden onderbouwen, mede omdat zij in staat was geweest een bijstandsuitkering aan te vragen en kortdurende dienstverbanden te hebben.
De Raad oordeelde dat onbekendheid met de wet geen bijzondere omstandigheid vormt en bevestigde het besluit van het UWV. Er werden geen proceskosten toegewezen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Wajong-uitkering niet eerder ingaat dan één jaar voor de aanvraagdatum wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.