ECLI:NL:CRVB:2008:BG8382
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAJONG-uitkering wegens geschiktheid voor eenvoudige routinematige arbeid
Appellant heeft op 4 februari 2004 een WAJONG-uitkering aangevraagd, welke door het UWV op 17 augustus 2005 is geweigerd. Het bezwaar tegen dit besluit werd op 24 januari 2006 ongegrond verklaard. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege onvoldoende motivering omtrent de geschiktheid van de functies, maar liet de rechtsgevolgen in stand na nadere toelichting.
In hoger beroep voert appellant aan dat zijn lage IQ (64-65) en lichte verstandelijke beperking hem verhinderen de voorgestelde functies uit te oefenen, mede door beperkingen in lezen, schrijven, probleemoplossing en temperatuurswisseling. Tevens stelt hij een medische urenbeperking.
De Raad overweegt dat de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts de medische gegevens en subjectieve elementen hebben meegewogen en dat appellant belastbaar is voor eenvoudige routinematige werkzaamheden met minimale leesvaardigheid en opleidingsniveau 1. De bezwaararbeidsdeskundige bevestigt dat deze functies weinig schoolse vaardigheden vereisen en dat appellant kan lezen. Het psychologisch rapport van 2007 ziet niet op de situatie in 2005 en bevestigt dat appellant een functie kan vervullen.
De Raad concludeert dat appellant op de datum in geding geschikt is voor de functies medewerker tuinbouw, textielproductenmaker en productiemedewerker voedingsmiddelenindustrie. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAJONG-uitkering omdat appellant geschikt wordt geacht voor eenvoudige routinematige arbeid.