ECLI:NL:CRVB:2008:BG5297
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- H.C.P. Venema
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht over eigen woning in Marokko
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Tijdens een huisbezoek in november 2005 verklaarde hij een eigen woning in Marokko te bezitten, maar kon hij geen bewijs van eigendom of taxatierapport overleggen. Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam besloot daarop de bijstand met ingang van 1 november 2005 in te trekken wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant tegen deze intrekking ongegrond. In hoger beroep erkende appellant het bezit van de woning, maar stelde dat deze bijna geen waarde had en daarom niet was gemeld. De Raad oordeelde dat appellant sinds 1987 eigenaar was van de woning en dat het niet kunnen aantonen van de waarde de vaststelling van het recht op bijstand onmogelijk maakte.
De Raad bevestigde dat het College terecht de bijstand heeft ingetrokken op grond van artikel 54, derde lid, aanhef en onder a, WWB. Er was geen reden om aan te nemen dat het College onredelijk had gehandeld. De intrekking geldt voor de periode van 1 november 2005 tot en met 22 november 2005. De Raad wees het hoger beroep af en veroordeelde appellant niet in de proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens het niet melden van een eigen woning in Marokko wordt bevestigd.