ECLI:NL:CRVB:2008:BG3758
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering na beoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellant, wegens psychische klachten arbeidsongeschikt verklaard, ontving vanaf november 2001 een WAO-uitkering van 80 tot 100%. Het UWV trok deze uitkering in december 2005 in met ingang van februari 2006, waarna bezwaar en beroep volgden. Na een nieuw besluit wijzigde het UWV de intrekkingsdatum naar 17 juli 2006.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en ook in hoger beroep stelde appellant dat het medisch onderzoek onvoldoende was, met name dat geen onafhankelijk psychiatrisch onderzoek was gedaan. De Raad oordeelde echter dat het UWV zich terecht baseerde op de functionele mogelijkhedenlijst en arbeidskundige rapporten, en dat appellant geen medische gegevens aanvoerde die het oordeel konden ondermijnen.
De Raad vernietigde de eerdere uitspraak vanwege de gewijzigde intrekkingsdatum, maar verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond. Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van de proceskosten aan appellant, inclusief vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 17 juli 2006 wordt bevestigd en het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.