ECLI:NL:CRVB:2008:BG3659
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bolt
- W.R. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering op basis van medische en arbeidskundige beoordeling
Betrokkene ontving sinds 1993 een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. In 2005 heeft het UWV deze uitkering herzien naar 15 tot 25%, wat betrokkene betwistte. Na bezwaar en een gedeeltelijke herziening naar 25 tot 35% stelde de rechtbank het beroep tegen het bezwaar ongegrond.
In hoger beroep voerde betrokkene aan dat de beoordeling onjuist en onzorgvuldig was, met name de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en de arbeidsdeskundige beoordeling. De Raad overwoog dat het ging om de gezondheidssituatie op 15 augustus 2005 en onderschreef de medische en arbeidskundige grondslagen van het besluit. De medische rapporten waren consistent en de door betrokkene overgelegde informatie betrof behandelingen van vóór die datum.
De Raad concludeerde dat de bezwaren onvoldoende waren om het besluit te wijzigen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.