ECLI:NL:CRVB:2008:BD8477
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- P.J. Stolk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens termijnoverschrijding zonder afdoend bewijs verzending
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (appellant) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 25 april 2006. Appellant stelde dat het hoger beroep per aangetekende brief op 22 mei 2006 was verzonden, maar kon dit niet met afdoend bewijs onderbouwen. De Raad verzocht om een verzendregister of ander bewijs, maar appellant kon dit niet leveren.
Betrokkene voerde aan dat het dossier pas na verzoek uit een extern archief was gehaald en dat het bewijs van verzending onvoldoende was. De Raad concludeerde dat het hoger beroep pas op 25 april 2007 was ingesteld, ruim na de wettelijke termijn, en dat deze termijnoverschrijding niet verschoonbaar was.
De Raad oordeelde dat appellant niet-ontvankelijk moest worden verklaard in het hoger beroep. Tevens werd appellant veroordeeld in de proceskosten van betrokkene, begroot op €805,- voor rechtsbijstand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding en gebrek aan afdoend bewijs van tijdige verzending.