ECLI:NL:CRVB:2008:BD7449
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks procedurele tekortkoming
Appellante ging in hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht, die het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering te herzien naar een arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25% vernietigde vanwege het ontbreken van een hoorzitting. De Centrale Raad van Beroep neemt de feiten van de rechtbank over en onderzoekt de medische en arbeidskundige grondslag van het besluit.
De Raad oordeelt dat de medische rapporten en het arbeidskundig onderzoek voldoende onderbouwing bieden voor het besluit van het UWV. Het ingebrachte aanvullende medische bewijs levert geen nieuwe inzichten op die tot een ander oordeel zouden moeten leiden. Ook het vermeende hoge ziekteverzuim wordt door het arbeidskundig rapport weerlegd.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank voor zover deze het besluit inhoudelijk onderschrijft en veroordeelt het UWV tot betaling van de proceskosten van appellante. Hiermee wordt het bestreden besluit in stand gehouden ondanks de procedurele tekortkoming.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en veroordeelt het UWV in de proceskosten.