ECLI:NL:CRVB:2008:BD6146
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.M. van de Kerkhof
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als schoonmaker/sloper, viel sinds 22 december 1991 uit wegens psychotische klachten en ontving een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.
Na een herbeoordeling door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige stelde het UWV vast dat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt is en trok de uitkering per 25 februari 2005 in. Appellant maakte bezwaar, maar ook in de bezwaarfase bevestigden medische en arbeidskundige onderzoeken deze geringe mate van arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat er geen objectieve medische aanwijzingen zijn die een hogere mate van arbeidsongeschiktheid rechtvaardigen, en dat de beoordeling van het UWV op een deugdelijke grondslag berust. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.