ECLI:NL:CRVB:2008:BD2627
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting WAO-uitkering zonder aanvullende beperkingen wegens onvoldoende medische onderbouwing
Appellante stelde in hoger beroep dat haar beperkingen, met name met betrekking tot zitten vanwege lumbago, onvoldoende waren meegenomen bij de vaststelling van haar WAO-uitkering. Tevens voerde zij aan dat de voorgestelde functies haar beperkingen overschreden, ondanks de noodzaak om aan deadlines en planningen te voldoen.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat appellante haar stellingen niet met objectief-medische gegevens had onderbouwd. Daarnaast waren de functies waarop de schatting van de belastbaarheid was gebaseerd, zoals machinaal metaalbewerker, boekhouder/loonadministrateur en elektronicamonteur, passend voor haar.
Daarom werd het besluit van het UWV om de WAO-uitkering ongewijzigd voort te zetten bevestigd. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter J.W. Schuttel en uitgesproken op 23 mei 2008.
Uitkomst: De voortzetting van de WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheid van 35-45% wordt bevestigd zonder aanvullende beperkingen.