ECLI:NL:CRVB:2008:BD0482
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens ontbreken gronden tegen UWV-besluiten
Appellant tekende bezwaar aan tegen besluiten van het UWV waarin correctienota’s werden opgelegd over de premiejaren 2000 tot en met 2004. Het bezwaarschrift bevatte echter geen concrete gronden. Het UWV gaf appellant meerdere hersteltermijnen om deze gronden alsnog in te dienen, maar appellant bleef in gebreke. De rechtbank verklaarde het bezwaar daarom niet-ontvankelijk en wees het beroep af.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het niet mogelijk was om gronden in te dienen vanwege het ontbreken van het strafdossier. De Raad overwoog dat uit het looncontrole rapport voldoende blijkt waarop de correcties betrekking hebben en dat appellant gemotiveerd uitstel had kunnen vragen indien het strafdossier noodzakelijk was voor het formuleren van gronden.
De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens het ontbreken van gronden. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak komt voor bevestiging in aanmerking.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van gronden en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.