ECLI:NL:CRVB:2008:BD0293
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Ongewijzigde voortzetting WAO-uitkering ondanks programmatuurfout in CBBS
Appellant, een WAO-uitkeringsgerechtigde met een arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25%, betwistte het besluit van het UWV tot ongewijzigde voortzetting van zijn uitkering per 24 maart 2004. Hij voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn medische klachten en dat de geselecteerde functies ongeschikt waren vanwege hand- en vingerbelasting, mede veroorzaakt door een programmatuurfout in het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS).
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was en de functies passend. De Centrale Raad van Beroep bevestigde de medische juistheid en onderbouwde geschiktheid van de functies, maar stelde vast dat de motivering van het UWV pas in hoger beroep adequaat was gegeven, waardoor het bestreden besluit wegens motiveringsgebrek werd vernietigd.
De Raad liet echter de rechtsgevolgen van het besluit ongewijzigd en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant. De programmatuurfout in het CBBS leidde tot verschillen in de hand- en vingerbelasting, maar de Raad achtte de uiteindelijke functies geschikt binnen de beperkingen van appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen blijven ongewijzigd en het UWV wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.