ECLI:NL:CRVB:2008:BC3867
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij aanvraag uitkering vervolgingsslachtoffer
Appellant had een aanvraag gedaan voor een periodieke uitkering als vervolgingsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. De aanvraag werd door verweerster afgewezen. Appellant maakte bezwaar, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn van dertien weken.
Appellant voerde aan dat de overschrijding veroorzaakt werd door ernstige persoonlijke omstandigheden, namelijk de ziekte en het overlijden van zijn dochter. De Raad heeft overwogen dat hoewel deze omstandigheden ingrijpend zijn, niet is gebleken dat appellant gedurende de gehele termijn niet in staat was om, eventueel met hulp van derden, het bezwaar tijdig in te dienen.
De Raad concludeert dat de termijnoverschrijding niet kan worden verontschuldigd op grond van artikel 6:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het bestreden besluit kan daarom in stand blijven en het beroep wordt ongegrond verklaard. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder geldige verontschuldiging.