ECLI:NL:CRVB:2008:BC2590
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar bijstandsuitkering op grond van WWB
Appellante ontvangt een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en werd door het College geïnformeerd dat vanaf 1 april 2005 de verplichtingen uit artikel 9, eerste lid, WWB op haar van toepassing zijn. Appellante maakte bezwaar tegen deze mededeling, maar het College verklaarde dit bezwaar ongegrond. De rechtbank vernietigde dit besluit en verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk omdat de mededeling geen zelfstandig besluit met rechtsgevolg is.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad overwoog dat de verplichtingen uit artikel 9 WWB Pro van rechtswege aan de bijstand zijn verbonden en dat de mededeling van het College slechts een herinnering is aan deze verplichtingen, zonder zelfstandig rechtsgevolg. Er zijn geen dringende redenen voor ontheffing gesteld of gebleken.
De Raad vond geen aanleiding om het oordeel van de rechtbank te wijzigen en bevestigde de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar. Tevens werd geen veroordeling in de proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de mededeling over arbeidsverplichtingen is niet-ontvankelijk verklaard omdat deze mededeling geen zelfstandig besluit met rechtsgevolg is.